Omschrijving
De Chiesa di San Benedetto is de barokke kerk aan het begin van de Via Crociferi, de straat van de kerken en kloosters van Catania: buiten een marmeren trap vol engelen, binnen een schip bedekt met achttiende-eeuwse fresco's. Ze hoort nog altijd bij een slotklooster.
De benedictinessen vestigden zich hier in de vijftiende eeuw, waar ooit een tempel van Asklepios stond. Na de aardbeving van 1693 werd het complex herbouwd; de gevel is van Giovanni Battista Vaccarini, dezelfde architect die die van de kathedraal ontwierp.
Bij de ingang ligt de Engelentrap, een marmeren trap versierd met engelenbeelden en afgesloten met een smeedijzeren hek. De houten deur vertelt in gebeeldhouwde panelen het leven van Sint-Benedictus.
Binnen heeft de kerk één schip en een gewelf dat helemaal beschilderd is met scènes uit het leven van de heilige, door Giovanni Tuccari tussen 1726 en 1729. Langs de zijkanten hangen doeken en fresco's van Sebastiano Lo Monaco, Matteo Desiderato en Guglielmo Borremans.
Het hoofdaltaar is kostbaar werk van gekleurd marmer, halfedelstenen, Siciliaans jaspis, brons en zilver. De zilveren panelen tonen het Laatste Avondmaal; op het deurtje van het tabernakel speelt koning David op de lier.
Met de rondleiding door het klooster zie je ook de resten van een Romeinse domus, ontdekt tijdens de restauratie, en de achttiende-eeuwse spreekkamer, het vertrek waar de slotzusters met hun familie konden praten.
Juist in deze ruimtes situeerde Franco Zeffirelli Storia di una capinera, de film naar de roman van Giovanni Verga. Tot het klooster hoort ook de Badia Piccola, nu een museum voor hedendaagse kunst.
De twee delen van het klooster, de Badia Grande en de Badia Piccola, zijn verbonden door de Boog van San Benedetto, in 1704 gebouwd over de Via Crociferi. Volgens de overlevering lieten de nonnen hem in één nacht optrekken, om de stadssenaat voor een voldongen feit te stellen.
De fresco's van Tuccari kwamen bijna bij toeval weer tevoorschijn. Eind achttiende eeuw waren ze onder lagen pleisterwerk verdwenen; de bombardementen van 1943 troffen de kerk zwaar en legden ze bloot, en ze werden meteen gerestaureerd.
Op 5 februari, tijdens de processie van Sint-Agatha, verschijnen de nonnen op de trap en zingen een lied voor de beschermheilige.
Niet missen
• Engelentrap.
• Gewelf met fresco's van Giovanni Tuccari.
• Spreekkamer van de nonnen.
• Boog van San Benedetto.
Wist je dat?
• De nonnen van San Benedetto leven nog altijd in afzondering en wijden zich aan de eeuwige aanbidding van het Allerheiligste Sacrament.
De benedictinessen vestigden zich hier in de vijftiende eeuw, waar ooit een tempel van Asklepios stond. Na de aardbeving van 1693 werd het complex herbouwd; de gevel is van Giovanni Battista Vaccarini, dezelfde architect die die van de kathedraal ontwierp.
Bij de ingang ligt de Engelentrap, een marmeren trap versierd met engelenbeelden en afgesloten met een smeedijzeren hek. De houten deur vertelt in gebeeldhouwde panelen het leven van Sint-Benedictus.
Binnen heeft de kerk één schip en een gewelf dat helemaal beschilderd is met scènes uit het leven van de heilige, door Giovanni Tuccari tussen 1726 en 1729. Langs de zijkanten hangen doeken en fresco's van Sebastiano Lo Monaco, Matteo Desiderato en Guglielmo Borremans.
Het hoofdaltaar is kostbaar werk van gekleurd marmer, halfedelstenen, Siciliaans jaspis, brons en zilver. De zilveren panelen tonen het Laatste Avondmaal; op het deurtje van het tabernakel speelt koning David op de lier.
Met de rondleiding door het klooster zie je ook de resten van een Romeinse domus, ontdekt tijdens de restauratie, en de achttiende-eeuwse spreekkamer, het vertrek waar de slotzusters met hun familie konden praten.
Juist in deze ruimtes situeerde Franco Zeffirelli Storia di una capinera, de film naar de roman van Giovanni Verga. Tot het klooster hoort ook de Badia Piccola, nu een museum voor hedendaagse kunst.
De twee delen van het klooster, de Badia Grande en de Badia Piccola, zijn verbonden door de Boog van San Benedetto, in 1704 gebouwd over de Via Crociferi. Volgens de overlevering lieten de nonnen hem in één nacht optrekken, om de stadssenaat voor een voldongen feit te stellen.
De fresco's van Tuccari kwamen bijna bij toeval weer tevoorschijn. Eind achttiende eeuw waren ze onder lagen pleisterwerk verdwenen; de bombardementen van 1943 troffen de kerk zwaar en legden ze bloot, en ze werden meteen gerestaureerd.
Op 5 februari, tijdens de processie van Sint-Agatha, verschijnen de nonnen op de trap en zingen een lied voor de beschermheilige.
Niet missen
• Engelentrap.
• Gewelf met fresco's van Giovanni Tuccari.
• Spreekkamer van de nonnen.
• Boog van San Benedetto.
Wist je dat?
• De nonnen van San Benedetto leven nog altijd in afzondering en wijden zich aan de eeuwige aanbidding van het Allerheiligste Sacrament.